woensdag 11 augustus 2010

Bill Bryson - A walk in the woods

Afgelopen vakantie voor de tweede keer gelezen en nog steeds even hilarisch. Hilarisch in de zin van hardop lachen zo leuk. Bryson beschrijft hoe hij samen met zijn vriend Katz een deel van de Apalachian Trail (AT) loopt. Aan bod komen niet alleen de reis zelf maar wordt ook uitgebreid ingegaan op de geschiedenis van de AT, lokale geschiedenis van de VS en allerlei wetenswaardigheden over dieren (vooral beren), bomen en vogels. Alles van Bryson is een aanrader, maar dit boek staat zeer hoog op mijn lijstje.

Sterren 5 van de 5.

De decolleté-richtlijn

Zou het handig zijn als er een richtlijn was voor de diepte van het decolleté? En dan bedoel ik ook echt een richtlijn, niemand hoeft zich er echt aan te houden, maar bij twijfel over de decolleté diepte kan iemand wel de richtlijn raadplegen. Het zou een soort niet-afdwingbare fatsoennorm kunnen worden. Het gaat dan wel om het openbare decolleté, in privé aarzel ik niet met een enorm diep decolleté rond te lopen, en mag van mij iedereen met diep decolleté of naakt door de woonkamer dansen. Ook daarbuiten trouwens, de richtlijn is er alleen voor de twijfelaars die willen weten of iets kán.

Ik kom hierop omdat ik laatst een vrouw van mijn leeftijd zag fietsen met een nogal diep decolleté. De dame had een t-shirt aan en een trainingsbroek en hield een tennisracket in haar had. Ze ging dus waarschijnlijk sporten of ze kwam er net vandaan. Maar haar decolleté was echt diep. Te diep voor een tennistraining. Naar mijn smaak althans. En ik ben toch ook niet vies van een beetje decolleté (bij mezelf dan).
Om jullie een idee te geven, het t-shirt begon waar de borsten alweer waren opgehouden. Je zag een bh-randje tussen de borsten en dan weer huid. En links en rechts bedekte het t-shirt dan wel de daadwerkelijke borsten, maar ertussen was geen stof van het t-shirt. Dat lijkt mij vrij diep. Ik denk dat een richtlijn kan zijn dat een decolleté dat zo diep is dat de borsten gaan wijken, te diep is. In iedere geval te diep om te tennissen (tenzij je je tennisleraar wil verleiden). Of te diep om mee op een begrafenis te komen (tenzij het de begrafenis van Hugh Heffner is).
Sommige kledingstukken hebben helemaal geen decolleté. En dan bedoel ik geen coltruien. Nee, dan bedoel ik twee stroken stof links en rechts over je bovenlichaam. Ik denk dat dat voor veel mensen en veel gelegenheden ‘te diep‘ is. ‘Te diep’ is eigenlijk geen goede omschrijving omdat in feite sprake is van een non-existent decolleté. Misschien dat alleen Jennifer Lopez er mee weg komt in die groene douchegordijnjurk van een paar jaar geleden (van Versace geloof ik) die alleen ergens rond haar kruis vast zat met een gesp. En dan ook alleen Jennifer Lopez, want Geri Halliwel droeg een paar maanden later dezelfde jurk en kwam er niet mee weg. Wat mij betreft.
Maar tot zover dus een eerste aanzet voor een richtlijn zodat iedereen weet waar ie aan toe is. Als je je dan op bijvoorbeeld een begrafenis aan de richtlijn houdt, kunnen mensen je ook niet van onfatsoen betichten, je blijft immers binnen de kaders. Heerlijk lijkt het me om die richtlijn te schrijven, met situatieschetsjes en tabelletjes en voorbeelden uit het echte leven. Je zou ook een website kunnen beginnen en dan met stift op fotootjes aangeven waar de stof eigenlijk had moeten lopen. Lijkt me best een leuke baan, ondanks dat ik afgestudeerd ben.

dinsdag 10 augustus 2010

De morele leegte van Thomas von der Dunk

Normaal gesproken lees ik altijd het NRC, maar sinds ik een iPhone heb lees ik ook de Volkskrant, omdat deze gratis is en het NRC 79 ct per dag kost. Nu weet ik ook waarom. Kwaliteit kost nu eenmaal geld.

Dankzij de Volkskrant maakte ik kennis met Thomas von der Dunk. In tachtig procent van zijn columns fulmineert hij tegen alles dat niet in zijn linkse straatje past, oftewel CDA, VVD, PVV. En laten nu net deze drie partijen een coalitie gaan vormen. Koren op zijn molen. Afgelopen week schreef Von der Dunk een column van een niveau dat alleen past binnen het afdelingsblaadje van een Communistische splintergroepering. Het artikel heet De morele leegte van de VVD.

In de eerste alinea neemt hij het verkiezingsprogramma van de PVV en past dit toe op de Joden in plaats van moslims, om zo aan te tonen hoe verwerpelijk de PVV is. Zoals men vroeger angstig was voor “materiële deelbelangen” als het communisme, zo is men nu bang voor de kilometerheffing. Om Nederland sterker, veiliger en welvarender te maken, wordt een miljoen inwoners uitgesloten. Net als in WOII de Joden. “Die mogen niets”, waarschuwt Von der Dunk. Von der Dunk zou namelijk niets liever doen dan een geheel andere groep Nederlanders uitsluiten en niets laten mogen: de kiezer die zich in juni heeft uigesproken voor dit kabinet. Volgens Von der Dunk is er niets nieuws onder de zon. In de jaren ’30 lokte de welvaart, ook in de vorm van asfalt, nu is het de kilometerheffing. Vanwege de kilometerheffing krijgen we nu een neonazistisch bewind waar Adolf Hitler zijn vingers bij zou aflikken.

De VVD-achterban (“een doorsnee-VVD-makelaar”) zou je niet horen protesteren en Rutte durft uit angst voor het electoraat geen afstand te nemen van zijn nieuwe bondgenoot, pleit Von der Dunk. Ik ben het daar ook altijd mee eens geweest en voel niets voor het op voorhand uitsluiten van coalitiepartners. Het is een belediging van de kiezer en het werkt ook nog eens datgene in de hand dat Von der Dunk juist zo verafschuwt. Neem de kiezer niet serieus en zij zal jou ook niet serieus nemen.

De toon van het artikel en ook van zijn andere columns is van een dedain waar de ouderwetse regenten een puntje aan kunnen zuigen. Het idee dat je moreel superieur bent aan anderen, dat bepaalde groepen uitgesloten zouden moeten worden van de politieke dialoog en dat onder het mom van tolerantie, heeft Von der Dunk dan echt niet door hoe tegenstrijdig dit alles is?

Het zou hetzelfde zijn wanneer Emile Roemer met de SP naar 24 zetels was gestegen, en er stemmen waren opgegaan die meenden dat Nederland onder een Communistisch regime zou komen. Politieke tegenstanders die naar Siberië (of in Nederlands geval Groningen) zouden worden gestuurd om zich daar in de kou dood te werken in de Goelag Archipel. Dat zou niemand serieus nemen en je mag toch hopen dat een serieuze krant geen platform zou bieden aan dergelijke ridicule standpunten die iedere vorm van dialoog doodslaan. In ieder geval heb ik zoiets nog nooit in het NRC gezien en daarom betaal ik met graagte voortaan die 79 ct.

maandag 9 augustus 2010

Gesprek tussen echte mensen

Hij (zittend op een rotsblok): “Oh kijk dan!”
Zij (tien meter voor hem staand, genietend van het uitzicht): “Wat?”
Hij: “Ik heb een beestje voor je”
Zij: “Huh?”
Hij: “Kijk. Maak er een foto van."
Zij: "Ja."
Hij: "Je moet even zoemie zoemie doen.”

EmoTV

Bij sommige televisieprogramma's houden mensen het niet droog. Er rollen tranen van verdriet bij ziekenhuisseries met persoonlijke verhalen van terminaal zieke kinderen. Legio waterlanders bij Memories; het weerzien van een oude liefde treft mensen in de ziel. En natuurlijk de zoute snikken als Gaston bij je aanbelt want nu wordt die droom van een bubbelbad in de achtertuin echt waar. Genoeg tranentriggers dus op zowel de publieke als de commerciele.

Mijn favoriete huiltelevisie betreft momenten van ontroering in een ondergewaardeerd genre binnen het televisieaanbod, namelijk “muziekles-televisie”. Denk aan Daniel Barenboim die pianosonates van Beethoven aan professionele musici uitlegt en hun spel analyseert. Of aan die schattige Gareth Malone die in een Britse achterstandswijk de plaatselijke hangjeugd klassiek probeert op te voeden.

Nederland blinkt niet echt uit in dit genre (hebben wij een kaaskoppenequivalent van Malone? En nu niet met Ernst komen aanzetten) maar het aanbod dat er is, is ontroerend genoeg om bij mij in ieder geval de kraan open te zetten. Zo zond de EO eerder dit jaar het programma Mattheus Masterclass uit, waarbij bekende zangers en zangeressen die hun sporen verdiend hebben buiten het klassieke repertoire een stuk uit de Mattheus Passie instuderen. Maarten Koningsberger is de meester, inclusief het soort trui dat je leraar natuurkunde vroeger op de middelbare school droeg, en begeleidt onder andere Jim Bakkum en Rob de Nijs.


Uitblinkster tijdens de masterclasses is Jette van der Meij (llllaura uit GT/ST) die zonder dat iemand dat weet een geschoolde jazz-zangeres is, en een Bachje meeneemt. Ze bijt zich vast in Blute Nur en worstelt met de Duitse klinkers maar ze zet door. Op een gegeven moment grijpt de aria haar en het lijden van de hele wereld vult de oefenruimte maar bovenal haar hart. “Jaaa”, roept Maarten. “Voel je dat?!” Ze wordt gegrepen door de muziek en valt stil als er tijdens een interview naar haar ervaring wordt gevraagd. Haar ontroering is zichtbaar. Die van mij inmiddels ook. Ik zet de tissues alvast wat dichterbij. “Ik vind het geweldig”, mompelt ze zacht en sluit haar ogen. Op de bank doe ik hetzelfde en droom van mijn eigen Blute Nur hoogtepunt.

vrijdag 6 augustus 2010

Ik maakte vrienden en ja, ik kwam wat aan

Volgens een recent bericht in de Telegraaf komt zeventig procent van de eerstejaars studenten gemiddeld 1 tot 3,5 kilo aan.
Dit bericht verbaast mij niks. Ik denk dat ik in mijn eerste jaar wel meer dan drie kilo aankwam. En daarna ook nog wel. Ik ben in mijn hele leven nog nooit zo dik geweest als tijdens mijn studententijd. En dat terwijl je juist zou denken dat dit de tijd is waar je er goed uit moet zien. Je ontmoet massa’s nieuwe mensen (lees: mannen) en hebt eindelijk de tijd om zonder de controle van je ouders aan het daten te slaan. Helaas, helaas. Ik werd dikker en onaantrekkelijker. Pas toen ik afstudeerde en ging werken viel ik zonder al te veel moeite, nou ja ok, een slechte relatie die me de eetlust ontnam hielp ook wel een beetje, vele kilo’s af.

De belangrijkste oorzaak zou volgens het onderzoek zijn het gebrek aan beweging. Dat lijkt mij stug. In mijn geval was dat in ieder geval niet de oorzaak. Ik bewoog in mijn eindexamenjaar, buiten mijn baan bij de groentezaak, ook niet bar veel. Maar tijdens mijn studententijd ging ik niet veel minder bewegen. Ik werkte toen op Schiphol waar ik ook veel liep. Maar ik draaide er ook nachtdiensten waardoor mijn heel eetpatroon in de war raakte. Ik at meer en ongezonder.
En natuurlijk dronk ik veel toen ik studeerde. Hoewel ik in mijn eindexamenjaar ook niet weinig dronk, bleef het toen beperkt tot de weekenden. Toen ik eenmaal studeerde dronk ik bijna elke dag. Bier of whisky of wijn, ik dronk het allemaal en met veel plezier. Bij ons in huis ging de grap rond dat je aan de kont van een meisje kon zien of ze eerstejaars was of niet.

Volgens de Belgische onderzoeker “kan niet iedereen even goed omgaan met meer zelfstandigheid.“ Die opmerking vind ik nogal wat. Alsof ik door aan te komen bewees niet voor mezelf te kunnen zorgen. Ik vind het knap dat ik die tijd zonder kleerscheuren heb overleefd. Ik haalde tentamens, ik verdiende geld, ik maakte vrienden en ja, ik kwam wat aan, maar met mijn zelfstandigheid was niets mis hoor. Ok, ik had huisgenoten die elke dag braaf de schijf van vijf aten. Ik zag nog nooit zo veel broccoli (en ik heb dus jaren in een groentezaak gewerkt, dus dat zegt wat) als op het bord van mijn huisgenoot. Maar of zij nu zo zelfstandig was? Elke donderdagavond verdween zij weer in de trein richting Schagen om pas maandagavond weer terug te keren. Ok, ze kwam vast minder aan, maar wie kon er nu beter omgaan met zelfstandigheid?

donderdag 5 augustus 2010

Jonathan Tropper - This is where I leave you


Op vakantie las ik This is where I leave you van Jonathan Tropper. Ik kocht het vanwege de tekst op de achterflap en de inhoud viel niet tegen, wat knap is. De hoofdpersoon van het verhaal is Judd. Nadat zijn vader is overleden is hij verplicht om samen met zijn moeder, zus en twee broers ‘shiva’ te zitten (ik kan het even niet beter vertalen). Dit houdt in dat hij een week met zijn familie in zijn ouderlijk huis vebrlijft en daar gasten ontvangt die hen komen condoleren. Judd is recentelijk door zijn vrouw verlaten (zij blijkt er vandoor met zijn baas) en dus niet echt 'in a happy place'. Het verhaal is boeiend en erg grappig geschreven. Ik vond het af en toe wel een beetje neigen naar chick-lit, maar door de schrijfstijl lijkt het toch meer een échte’ roman. Ik las dat het boek verfilmd gaat worden, wat niet verrassend is, want daar lijkt het praktisch voor geschreven. Zeker een aanrader in het genre droge humor om te lachen en fijne emoties omtrent familie en geliefden.

In zijn genre 4 sterren (van de vijf)

Lef, klasse, pizzazz

Het is misschien niet zo leuk voor zijn onderdanen wat ik nu ga schrijven, maar ja, ik denk niet dat veel van zijn onderdanen mijn verhalen lezen. Robert Mugabe is een held. Je hebt een hele hoop rare dictators, wat te denken van Hugo Chavez en Silvio Berlusconi, maar mijn favoriet is toch wel Mugabe. Hij heeft lef, klasse, pizzazz. Hem maak je niks wijs.

Afgelopen week kwam hij weer leuk in het nieuws. De aanleiding was helemaal niet zo leuk, zijn zus was overleden. Op de begrafenis kwamen vertegenwoordigers van landen als de VS, Duitsland etc. Heel aardig eigenlijk dat die daar allemaal de tijd voor namen. Ik vraag me ook af waarom. Misschien omdat ze hoopten dat Mugabe zelf wat zou zeggen. Ik stel me voor dat dat zo gaat, bij hoogwaardigheidsbekleders onderling:

"Kan jij deze week naar de bar mitswa van de neef van Angela Merkel?"
"Nee geen tijd, sorry."
"O, dus ook niet naar de begrafenis van de zus van Mugabe maandag?"
"Wacht, even kijken, ik zeg wel een topoverlegje af."

Fijn dat je dan niet voor niets je afspraak afzegt. Mugabe nam inderdaad het woord tijdens de plechtigheid. Hij sprak ongetwijfeld ontroerende woorden over zijn lieve zus, over hun band, dat zij op het schoolplein het altijd voor hem opnam als hij gepest werd, dat zij hem later ook hielp als hij de verkiezingen moest winnen. Heel gevoelig allemaal. Dat Mugabe een zeer begenadigd spreker moet zijn blijkt wel uit het feit dat hij zijn verhaal zo kan draaien dat hij vervolgens in een tirade tegen de Westerse wereld uitbreekt. Waarschijnlijk iets over een reisverbod naar Europa. De VS en haar bondgenoten mogen naar de hel lopen met hun sancties, die er regelrecht voor gezorgd hebben dat Zimbabwe's economie in het slop geraakt is. Vreemd genoeg pikten de diplomaten dit niet en zijn zij voor het einde van de ceremonie weggelopen.

Dat zijn dan diplomaten! Geen enkel gevoel voor decorum, bah. Heel goed dus ook dat Mugabe het hier niet bij heeft laten zitten en hen heeft laten ontbieden op het kantoor van de minister van Buitenlandse Zaken. Deze heeft nog even fijntjes uitgelegd dat dit niet volgens het protocol was, dat ze het programma kenden, dat de heldin (want dat is de zus van Mugabe blijkbaar, zou dat nog van het schoolplein dateren?) nog niet ter aarde besteld was en dat zij pas mochten vertrekken ná Mugabe zelf. Het gedrag getuigt van disrespect voor de overleden heldin en voor haar broer, de president van Zimbabwe.

Hulde! Robert Mugabe laat zich niet schofferen. Als de Westerse diplomaten nog op dit soort ceremonies aanwezig willen zijn, dienen zij zich te gedragen, in plaats van te zoeken naar een mogelijkheid om de toch al broze verstandhouding met Zimbabwe en haar regering op het spits te drijven. Shame on you...

woensdag 4 augustus 2010

Onderschrift

Daar was hij ineens weer, Ruud Lubbers. Wat hebben we toch een hoop lol gehad met die man en nu is hij weer even van de partij. Fijn hoor. En hij is ook heel fotogeniek. Wat zou het onderschrift bij deze foto zijn?
Ruud Lubbers straalt water in? Ruud Lubbers bij de reconstructie van het billenknijpincident? Roept u maar!

Dankbaar en blij

Je weet pas hoe dierbaar iets voor je is als je het bijna kwijt bent. Soms moet je even met je neus op de feiten gedrukt worden, omdat je dingen als vanzelfsprekend bent gaan ervaren. Je ziet simpelweg niet meer hoe mooi iets is. Het is dan ook goed dat er af en toe hard ingegrepen wordt. Je schrikt even, maar bent ook heel erg dankbaar, dankbaar en blij, om het maar eens protestants-christelijk uit te drukken.

Eddy Wally is vorige week onwel geworden. Tijdens een optreden in Gent moest zijn manager hem van het podium halen, nadat Eddy zijn lange, witte jas al had uitgetrokken. Dit omdat hij het, naar eigen zeggen, zo warm had. Dit simpele bericht toont Eddy Wally ten voeten uit. De keiharde show-must-go-on-mentaliteit waarmee hij zo groot is geworden. En ook: altijd in stijl, een lange, witte jas. Typisch! Zo kennen we Eddy Wally, de haartjes piekfijn in orde, coupe zuidwester, met daar bovenop een klassieke, witte gleufhoed, en op zijn neus een zonnebril met roze getinte glazen, die de sterren in St. Tropez niet zou misstaan. Een gesoigneerde heer van de oude stempel.

Nu hoor ik wel eens mensen een beetje schamper lachen om Eddy Wally, bijvoorbeeld omdat hij niet in een keer foutloos Guantanamo Bay kan zeggen, en daar dan vervolgens gezellig bij gaat zitten zingen en met zijn vingers knipt "Guantanamo Baai, voor u en maai", of het een soort Shangri La is. Maar kom op, geef hem even, Eddy Wally is inmiddels al 78 jaar oud, hij draait al 50 jaar mee in de showbiz en heeft alles meegemaakt. Ik zou ervoor tekenen om dan nog zo'n succesvolle zanger te zijn. Wist je dat Eddy Wally in zijn jonge jaren nog in Amerika heeft opgetreden? Daar kan iemand als Pierre Kartner alleen maar van dromen. Ik ben ervan overtuigd dat dit komt door Wally's positieve levenshouding. De mensen kunnen praten en lachen, maar Eddy laat zich niet gek maken, die gaat lekker door. Nog steeds is hij een graag geziene gast op festivals waar hij zijn wereldberoemde repertoir ten gehore brengt. Luister nog eens goed naar Ik spring uit 'n vliegmachien of Chérie en ik verzeker je dat je het niet droog houdt. Zijn stopwoorden zijn 'prachtig', 'fantastisch' en 'geweldig', daar mogen wij allemaal een voorbeeld aan nemen.

Je moet er toch niet aan denken dat dit ineens afgelopen is? Op zijn 75ste verjaardag zei Eddy Wally dat hij nog maar aan het begin van zijn carrière staat en we hebben inderdaad nog lang niet genoeg van zijn zoetgevooisde klanken. Deze Rocco Granata van de Lage Landen. Daarom hoop ik ook dat er snel een positief bericht komt. Dat alles in orde is en dat Eddy Wally binnenkort zal optreden in Nederland. Dan hebben we weer veel om dankbaar voor te zijn.

Dan nu de quizvraag van vandaag: In welke Suske en Wiske komt Eddy Wally voor? Het eerste juiste antwoord verdient een link naar Eddy's website.

dinsdag 3 augustus 2010

De jurk van Chelsea

Chelsea Clinton is afgelopen zaterdag getrouwd. Toen ik vorige week in de VS was stonden de kranten bol van deze aanstaande bruiloft en hielden de tv-zenders niet op erover te speculeren. Ik ben niet vies van nieuws over de ‘celebs’ en heb dus wel een aantal keer (aandachtig) geluisterd naar verslaggevers die ergens (voor een ondefinieerbaar bloembed of voor een niet nader gespecificeerd wit huis) in Rhinebeck, NY stonden. In zeer omslachtige bewoordingen vertelden deze verslaggevers dat eigenlijk niemand wist hoe de bruiloft er uit zou zien en wie er aanwezig zouden zijn. Onbegrijpelijk waarom een verslaggever daarvoor op de plaats van de bruiloft moet staan en onbegrijpelijk dat er uren tv gemaakt kan worden enkel gebaseerd op speculaties en onwetendheid. Er gingen op een zeker moment zelfs geruchten dat de bruiloft helemaal niet plaats zou vinden in Rhinebeck maar misschien ergens op Martha’s Vinyard.

In de papieren versie van de USA Today werd bijna een hele pagina gewijd aan dezelfde materie en werd er zelfs lustig gespeculeerd over de kosten van de bruiloft (tegen de vijf miljoen werd gezegd, hoewel ik onlangs op de CNN-website las dat dat onwaarschijnlijk was. Het lijkt mij ook wel wat aan de hoge kant.

Het nieuws over de bruiloft van Chelsea Clinton bevredigt (of bevredigde) niet alleen mijn behoefte aan onzinnig doch zeer vermakelijk nieuws, een behoefte die extra opspeelt tijdens een lange vakantie, maar ook mijn nieuwsgierigheid naar bruidsjurken. Ik ben een fervent liefhebben van het programma 'Say yes to the dress' van de Travel and Living Channel. En hoewel nooit getrouwd en ook niet iemand die daar ooit van droomde of droomt, kan ik me toch eindeloos vermaken met het kijken naar trouwjurken. Het is overigens niet zo dat ik tijdens dat programma mijn eigen trouwjurk aan het uitkiezen ben, daarvoor vind ik veel te veel jurken mooi en vind ik mijn ‘eigen’ jurk weer geen issue. Waar het vermaak hem dan voor mij precies in zit, is me nog niet helemaal duidelijk, misschien is het gewoon nieuwsgierigheid? Gelukkig verschenen op maandag de eerste foto’s met de jurk van Chelsea Clinton. Ik vind hem mooi, wel jammer van dat boeketje dat eruit ziet als een ragebol. Maar de jurk was zeker mooier dan de jurk van Alicia Keys die in hetzelfde weekend trouwde. Ik hou niet van omgeslagen lakens en al helemaal niet a-symetrisch.

maandag 2 augustus 2010

Paradefeest

Gisteren vierde ik het ingaan van mijn laatste jaar als twintiger. Hoera. Feest. Daarom gingen meneer S en ik samen naar de Parade. Even kort samengevat: de Parade is voor hippe mensen met een lekker brede culturele interesse om een lekker avondje uit te gaan. Met drank en ijsjes in exotische smaken. We zagen ook BN-ers: Roosbeef en een of ander huppeldepup van RTV Utrecht.

Om te voorkomen dat we bij de lange rij voor de kassa aangevallen zouden worden door kuddes bakfietsmoeders met een halflege fles prosecco die ook eens een avondje uit waren, hadden we vantevoren online kaartjes besteld. Voor de voorstelling van Toneelgroep Oostpool. Dat bleek een goede zet te zijn geweest: de rij was lang en de kaartjes waren bij aankomst al uitverkocht. Het was dus gewoon stervensdruk om maar even samen te vatten. Alle stoelen, alle houten bankjes, alle stoepranden en zelfs alle zitjes in de zweefmolen waren bezet.

Bij de ingang van het Cinerama begon een kwartier voor aanvang van de voorstelling zich al een aardige rij te vormen. Een rij met kijkers van Omroep Max. Die elke ochtend met Olga en die andere gymnastiekoefeningen doen waar je best ook een stoel bij mag pakken. Met linnen gekleurde broeken en ditto boordjes. Na een korte opwarming van de acteurs voor de tent gingen de deuren van de zaal dan eindelijk open. Meneer S en ik elleboogden ons een weg door de cultureel verantwoorde grijze theaterfans. “Tineke en Jochem, je weet wel uit Culemborg zijn ook geweest en die vonden het eeeenig. Hoor je wat ik zeg, Henk?” We vonden een plaatsje en zaten na een paar minuten al met blauwe plekken van de duwende ledematen van de achterburen in onze rug en bijpassende uitgelubberde tussenwervelschijven. De voorstelling begon. Een nummer van René Froger speelde (je weet wel, die over dat eigen huis) en opeens veranderde de zaal met cultuurminnaars in het TROS Muziekfeest op het Plein. Iedereen begon te klappen en mee te zingen. Meneer S trok bedenkelijk zijn wenkbrauw op en ik knikte instemmend.

Het begon. Het was fantastisch. Het was zielig en ontroerend en ontzettend komisch. En heel warm. Zweetdruppeltjes in mijn nek en zweetplekken in onze hippe retro t-shirts. Maar ik had het niet willen missen. Na het optreden stapten we de tent uit en de lucht met zuurstof in. Meteen weer in het diepe tussen alle andere bezoekers. We stond in de loop. Wat gingen we doen: even wat drinken of nog een andere voorstelling? Maar het was gewoon teveel. Teveel mensen, te druk en te cultureel geneuzel. Nog een beetje twijfel en toen gedaan wat eigenlijk het relaxt was. Naar huis. Naar het dakterras. Met zuurstof en zonder cultuurkuddes. Laat de 30 maar komen.